In de laatste uitgave van ‘Komrij’s Nederlandse Poëzie van
de 19de t/m de 21ste eeuw in 2000 en enige gedichten’ zijn door Gerrit
Komrij een aantal dichters weggelaten. Niet uit ruimtegebrek: van de dichters
die aanwezig zijn met vijf of meer gedichten had de bloemlezer om plek over
te houden voor anderen dit aantal desgewenst omlaag kunnen brengen. Ook dan
zou het mijns inziens nog altijd een goede indruk achterlaten van de gebloemleesde
dichter. Uiteraard heeft Komrij zijn voorkeurdichters, bloemlezen is nooit objectief.
Die indruk zal de man uit Vila Pouca da Beira (Portugal) niet eens willen wekken.
Een groot aantal dichters is door het weglaten, boycotten, verzwijgen, tekort
gedaan. Soms betreft het een dichter wiens debuut de Komrijbijbel niet haalde,
vaker zijn het dichters met een respectabel oeuvre. Ik ga niet in op de mogelijke
vraag die kan ontstaan: waarom Ivo de Wijs wel en Jules de Corte niet, wat mist
de poëzie van Huub Oosterhuis wat Inge Lievaart volgens Gerrit wel heeft?
Of, waarom Ida Gerhardt aanwezig met tien gedichten en Chawwa Wijnberg, Johanna
Kruit of Maria de Groot met geen enkel gedicht?
Op deze plek doe ik het anders. De door mij (en niet alleen ik, ook bijvoorbeeld
dichter/journalist Jan de Bas in dagblad Trouw -12 februari 2004- vielen omissies
op) gemiste dichters krijgen sinds maart 2005 een plek in deze rubriek. Geregeld
worden er nieuwe dichters toegevoegd. Met mijn kwart eeuw ervaring als bloemlezer
meen ik bescheiden te blijven met een uiteindelijk aantal van 200 en enige gedichten.
Wellicht een welkome aanvulling voor alle kleine en grote poëzieliefhebbers
die niet beschikken over een kopieerapparaat en geen gedichten met de hand willen
overschrijven.
Henk van Zuiden
[laatste toevoeging 26
juni 2005]